kasteel Schonauwen voor foto's klik HIER

Gebouwd omstreeks 1230

Het restant van kasteel Schonauwen bestaat uit een ronde bakstenen toren op een omgracht eiland. De toren (Schalkwijkseweg 15) ligt ten zuiden van het dorp Houten, tussen de huidige Schalkwijkseweg en het Amsterdam-Rijnkanaal.
De naam Schonauwen duikt voor het eerst in de bronnen op in 1261. Het was toen de naam van een uithof van de Norbertijnerabdij van Mariënweerd. In 1271 gaven abt en convent de rechtsmacht over het gebied, met uitzondering van de uithof, in leen aan Hubert van Beusichem, heer van Culemborg. Op zijn beurt zal deze de rechtsmacht korte tijd later in achterleen hebben gegeven aan zijn broer Dirk Splinter van Beusichem. In ieder geval blijkt Dirk Splinter in 1305 bezittingen te hebben in Schonauwen, die worden omschreven als 'dat huys te Blancouwen' en 13 morgen (1 morgen is circa 0,85 ha.) land. Nog in datzelfde jaar droeg hij het kasteel op aan de heer van Culemborg om er vervolgens mee te worden beleend. De zoon van Dirk, Hubrecht, noemde zich al in 1306 'Van Schonauwen'.
Gelet op de hoge ouderdom en het belang van het kasteel als steunpunt van de heren Van Culemborg, mogen we aannemen dat Schonauwen een aantal bouwfasen heeft gekend. Hoe het kasteel er in oorsprong heeft uitgezien, weten we niet.

De oudst bekende afbeeldingen van Schonauwen zijn twee tekeningen van Roelant Roghman uit circa 1640. Het kasteel is daarop afgebeeld als een imposante vierkante waterburcht met een omgrachte voorburcht. Een poortgebouw met klokgevel geeft toegang tot het binnenterrein van de voorburcht, die aan drie zijden door dienstgebouwen wordt omsloten. Een houten brug leidt vanaf de voorburcht naar de oostelijke vierkante hoektoren van de eigenlijke burcht, die tevens als poorttoren fungeert. Deze poorttoren is door middel van een gekanteelde weermuur verbonden met de nog bestaande zuidelijke ronde hoektoren. Op de westelijke hoek staat een grote veelhoekige toren, die in die tijd al grotendeels was afgebroken, waarschijnlijk in verband met de (ver)bouw van de woonvleugels, die de kleine binnenplaats omringen. Deze toren was vermoedelijk de oorspronkelijke woontoren. De tekeningen van Roghman geven een beeld van een kasteel dat in eerste opzet nog uit de veertiende eeuw dateert, maar in de loop van de volgende eeuwen diverse verbouwingen onderging.
In de loop van de zeventiende eeuw onderging Schonauwen zoals zo vele middeleeuwse kastelen een complete metamorfose. In 1668 was het kasteel volgens een bouwkundige rapportage door de bouwmeesters Van Vianen en Van de Pijl nog zeer vervallen. Uit een kopergravure van Cornelis Specht uit 1698 blijkt echter dat het kasteel inmiddels was verbouwd tot een herenhuis in Hollands classicistisch stijl met drie vleugels rond een kleine binnenplaats. Alleen de gekan-teelde weermuur, de ronde hoektoren en de omgrachting waren nog intact en herinnerden aan de middeleeuwse oorsprong van het huis.
Een achttiende-eeuwse tekening van Schonauwen toont het huis en zijn directe omgeving in vogelvlucht-perspectief vanuit een tweetal gezichtspunten. Het is de enige afbeelding die een beeld geeft van de omgeving van het huis. Deze bestond uit een formele tuin, waarin zichtassen en bomensingels werden gecombineerd met door hagen omgeven, rechthoekige bloemen- en moestuinen. Vanaf de Schalkwijkseweg gaf een brede oprijlaan vrij zicht op het hoofdgebouw. Om dat vrije zicht te verkrijgen was de bebouwing aan de noordoost-zijde van de voorburcht gesloopt.

Hendrik Ravee, die Schonauwen in 1812 had gekocht, liet het huis en zijn gebouwen in 1813 op de ronde hoektoren na slopen. In 1891 liet de toenmalige eigenaar, George Bingham, de toren restaureren en voorzien van een aanbouw. De toren werd daarna als zomerverblijf gebruikt. Ruim een halve eeuw later, in 1944, liet W.F. Wassink de toren opnieuw enigszins restaureren en nogmaals uitbreiden met een door de Rijksdienst voor de Monumentenzorg goedgekeurde aanbouw. Zo ontstond de situatie zoals die nu nog is te zien.
Kasteel Schonauwen ligt in de uitbreiding van het dorp Houten, aan alle zijden omringd door nieuwbouwwijken. Bij de plannen is rekening gehouden met een stuk groen rondom het kasteel. De tweede omgrachting en het zeventiende-eeuwse lanenstelsel zullen mogelijk opnieuw worden aangelegd. De huidige eigenaren van de toren zijn bezig met een restauratieplan; tevens willen zij nieuwbouw realiseren op het kasteelterrein waardoor er voldoende woonruimte ontstaat voor permanente bewoning.